Welke wordt het?

admin
Auteur(s): Isis Gouw
Isis Gouw heeft de opleiding tot leraar basisonderwijs afgerond (verkorte deeltijd) na een studie Culturele Antropologie en een jarenlange werkervaring als personeels manager.

Welke wordt het?

Advies inzake de aanschaf van een nieuwe aardrijkskundemethode
Iedere basisschool wordt regelmatig geconfronteerd met het feit dat een methode aan vervanging toe is. Op de basisschool waar ik stage liep was de aardrijkskundemethode aan spoedige vervanging toe. De directie heeft aan mij de opdracht verleend uit te zoeken welke methode het beste zou passen bij de visie van de school en bij de leerlingenpopulatie. De efficiënte aanpak zal volgens de schooldirectie als voorbeeld dienen om in de toekomst een nieuwe methode uit te kiezen.

Binnen een tijdsbestek van vier maanden is uitgezocht aan welke voorwaarden een aardrijkskundemethode moet voldoen, wat de wensen van de leerkrachten zijn, ook zijn de verschillende methoden aan de hand van een criterialijst beoordeeld, hebben de leerkrachten proeflessen gegeven uit twee methoden en hebben de leerlingen hun oordeel over deze lessen gegeven.

Hieronder een aangepaste versie van een deel van de samenvatting uit de scriptie:

Uit de gesprekken en uit het schoolplan, kwam duidelijk naar voren dat het grootste aandachtspunt in de nieuw aan te schaffen aardrijkskundemethode het taalniveau van de leerlingen betreft. Dit betekent dat er in de nieuwe methode veel aandacht besteed moet worden aan taalontwikkeling en woordenschat. Er wordt door de leerkrachten veel belang gehecht aan het uitlichten van moeilijke begrippen en het apart kunnen aanbieden van deze begrippen. Daarnaast moet de nieuwe methode werkbaar zijn binnen de visie van het adaptief lesgeven. Er moeten verwerkingsopdrachten op verschillend niveau in het werkboek aanwezig zijn. In de toekomst zullen er, vanwege daling van het leerlingenaantal, meerdere groepen worden samengevoegd, waardoor ook het aspect van lessen in een combinatiegroep moest worden bekeken.

De uitslag van de leerkrachtenquête liet zien dat de leerkrachten de meeste prioriteit toebedeelden aan het gebruik van ICT, de zelfstandige verwerking en het aanleren van kaartvaardigheden. Ook kwam naar voren dat de punten “Lay-out” en “Taal” van belang waren in de nieuwe methode.

Aan de hand van een opgestelde criterialijst zijn zes recente methoden geanalyseerd. De methoden zijn met elkaar vergeleken. De voor- en nadelen afwegende werd besloten om met Geobas en Wijzer door de wereld proeflessen te gaan geven. Voor deze methoden is gekozen omdat zij in totaal het beste scoorden op de volgende punten:

  • aanpak van het aanleren van topografie;
  • de omgang met differentiatie binnen de les en binnen de opdrachten;
  • digibordondersteuning;
  • suggesties voor motivatieverhoging;
  • verhouding tussen tekst en beeldmateriaal;
  • de voorbereiding en de tijdsinvestering;
  • vervolgacties na toetsing;
  • uitstraling en kwaliteit van het beeldmateriaal.

In groep 4 tot en met groep 8 zijn proeflessen uitgevoerd, waarbij de leerkrachten een goed beeld konden krijgen van alle materialen die behoorden bij de methoden.

Het eindoordeel van de leerkrachten met betrekking tot Geobas:

  • Prima methode, soms wel ‘droge’ stof;
  • Deze methode heeft niet mijn voorkeur;
  • Een ruime voldoende, waarbij twee keer een 7 als eindcijfer werd toegekend aan de methode.

Het eindoordeel van de leerkrachten met betrekking tot Wijzer door de wereld:

  • Goede/prima methode;
  • Het lesgeven uit deze methode was fijn/prettig (2x);
  • Heel positief (2x);
  • Echt van deze tijd!
  • Methode die goed aansluit bij onze leerlingenpopulatie (3x);
  • De methode kreeg van de leerkrachten als eindcijfer een ruime 8.

De evaluaties van de leerlingen liet zien dat zij zeer positief oordeelden over Wijzer door de wereld. Maarliefst 81% was tevreden met de inhoud. Ook de lay-out werd positief gewaardeerd en de opdrachten uit het werkboek vonden de leerlingen goed en afwisselend. Er werden bij deze methode zeer weinig minpunten genoemd (slechts 13 keer).

Wat Geobas betreft waren de leerlingen over het algemeen minder enthousiast. Bij deze methode werd de inhoud door 51% van de leerlingen aangemerkt als saai of niet leuk. Wat opvalt is dat bij deze methode de taal die wordt gebruikt en de lengte van de teksten door 29 leerlingen wordt benoemd in termen van moeilijk, te lang en onduidelijk.

De eindconclusie luidt, dat de aardrijkskundemethode Wijzer door de wereld als beste aansluit bij de visie van de school, bij de leerlingenpopulatie en bij de wensen van de leerkrachten.

De methode wordt geadviseerd op basis van de volgende punten:

  • Aansluiting bij de belevingswereld van de kinderen;
  • Goede taalondersteuning, begrippenlijst;
  • Ruim voldoende jaarruimte om alle lessen in te plannen;
  • Prachtige digitale ondersteuning;
  • Goede integratie van de topografie;
  • Toetsen kunnen gemaakt worden aan de hand van een samenvatting;
  • Niveau sluit aan op lees- en denkniveau van de leerlingenpopulatie;
  • Leerkracht krijgt veel ondersteuning door middel van de handleiding;
  • Veel ruimte voor uitbreiding en opleuken van de lessen;
  • Suggesties voor prikkelen van voorkennis en motivatie verhoging.