Het succesvol implementeren van ICT in het onderwijs

Auteur(s): Rob Prins, Manon Smeets, Wim Jagtenberg
De auteurs zijn studenten van de masteropleiding Leren & Innoveren, gestart in september 2015.

Het succesvol implementeren van ICT in het onderwijs

Een master Leren & Innoveren blog

Vrijdag 19 februari 2016 vond in het kader van de Master Leren & Innoveren voor de eerstejaars masterstudenten de tweede masterclass van dit semester plaats. Deze masterclass stond in het teken van duurzame implementatie van onderwijsinnovaties met ICT en werd verzorgd door Jos Fransen, Pieter Swager en Jeroen Bottema, respectievelijk lector en leden van het lectoraat Teaching, Learning and Technology 

ICT-innovaties in schoolorganisaties zijn vaak gekoppeld aan enkele personen en het lukt vaak niet om deze breed in de organisatie te implementeren. Leidraad van deze masterclass was het onderzoek dat het lectoraat heeft  uitgevoerd waarbij aan de hand van een zestal casestudies met betrekking tot acceptatie en duurzame implementatie van de didactische inzet van ICT werd gekeken welke succesfactoren bij deze ICT-innovaties een rol hebben gespeeld. Een opvallende uitkomst is dat in deze zes casestudies aan de hand van een ‘emergent practice’ er altijd een pionier het initiatief neemt. Dit initiatief wordt een ‘good practice’ als mensen aanhaken en merken dat het werkt. Bij algehele implementatie is sprake van een ‘shared practice’, maar hier gaat zeker vijf tot zes jaar overheen. ICT-innovatie in het onderwijs is duidelijk een evolutie en geen revolutie.

Uit de zes casestudies is verder gebleken dat een dergelijke pionier vaak een bovengemiddelde interesse heeft in de betreffende ICT-innovatie, bereid is daar zelf (veel) tijd aan te besteden, een constructivistische visie heeft op onderwijs, doorgaans zeer ICT-vaardig is en zijn eigen professionalisering stuurt (eventueel met behulp van expertise van derden).

Het model voor diffusie van innovaties van Rogers (1995) laat zien dat er een gap zit tussen het aantal pioniers en vroege volgers (15%) aan de ene kant en het aantal latere volgers en achterblijvers (85%) aan de andere kant. Dit leidt tot de conclusie dat de grootste uitdaging bij ICT-innovaties ligt bij de brede implementatie.

Op basis van de casestudies kunnen voor een succesvolle, brede implementatie van een ICT-toepassing voor schoolorganisaties de volgende aandachtspunten geformuleerd worden:

•       stimuleer visieontwikkeling met betrekking tot inzet van ICT;

•       beloon initiatieven en maak ruimte voor delen ervaringen;

•       koppel pionier aan volgers voor ontwikkelen ‘good practice’;

•       investeer in teamontwikkeling en docentprofessionalisering; dat vraagt educatief- en transformatief leiderschap;

•       kies ICT-toepassingen die aansluiten op praktijk en behoefte.

Hierbij kan de vergelijking gemaakt worden naar het pleidooi dat Hargreaves en Fullan (2012) houden voor het investeren in professioneel kapitaal, waarbij professioneel kapitaal gezien moet worden als een product van menselijk kapitaal, sociaal kapitaal en besluitvormingskapitaal.  

Kenmerken van de pionier, kenmerken van de ICT-tpepassing, kenmerken van de collega’s en het team en kenmerken van het leiderschap zijn dus bepalende factoren gebleken. Het lectoraat heeft deze kenmerken per casestudy gevisualiseerd. In welke mate zijn deze kenmerken aanwezig?

De voornaamste uitkomst hiervan was dat er in ieder geval gesproken kon worden van acceptatie en een vergevorderde duurzame implementatie bij weergaves waar er op alle vragen relatief hoog wordt gescoord en waar de vorm regelmatig is en bestaat uit een relatief groot oppervlak.

Deze exercitie is volgens de onderzoekers slechts uitgevoerd om de verschillen tussen de casussen zichtbaar te maken en wordt niet gepresenteerd als een gevalideerd instrument dat al kan worden gebruikt als een implementatiesuccesvoorspeller.

De implementatiesuccesvoorspeller en daarmee de kenmerken van succesvolle acceptatie en implementatie van de didactische inzet van ICT, of onderwijsvernieuwingen in het algemeen, bieden ons als ‘change agents’  echter wel handvatten om dergelijke vernieuwingen te begeleiden.