Impulsen de baas

Auteur(s): Marijke Lamers, Leon Emmel, Karin Dul en Carla de Graaf
De auteurs van dit blog zijn studenten van de masteropleiding Leren & Innoveren, gestart in 2015

Impulsen de baas

Een master Leren & Innoveren blog

Wat doe je als je allerliefste lief thuiskomt met het verkeerde cadeautje terwijl je bij de juwelier toch echt die glimmers ernaast had aangewezen? Weet dan maar met je teleurstelling om te gaan in plaats van hem neer te hoeken. Of het moment waarop je graag een frisse neus had willen halen in het park en zodra je naar buiten stapt het begint te plenzen. Val je dan huilend op de grond of bedenk je heel flexibel iets anders?

Dr. Mariëtte Huizinga is de eerste dame in een lange rij heren die ons een masterclass geeft. Ze vertelt op verfrissende wijze over executieve functies. Dit zijn functies die het mogelijk maken dat je rationele beslissingen neemt, impulsen beheerst en kunt focussen op wat belangrijk is. Het draait om zelfcontrole. Een beroemd experiment is de Marshmellow test, waarbij kinderen uitgedaagd worden om hun impuls uit te stellen, voor een grotere beloning.

Huizinga deed onderzoek naar kinderen vanaf 5 jaar tot aan de jong adolescent. Het blijkt dat kinderen tot 18 jaar nog niet goed in staat zijn om het eigen gedrag te reguleren. Dit heeft alles te maken met de trage groei van de prefrontale cortex, dat stuk brein in het voorhoofd. Die rijping gaat nog door tot ver in de twintig. Niet zo gek dat 'het studiehuis' in het VO totaal mislukt is. Kinderen hebben in het onderwijs veel begeleiding nodig en zijn nog niet zo zelfstandig als wij denken. Ze zijn blijkbaar nog helemaal niet in staat om vooruit te kunnen plannen, aldus Huizinga.

Om executieve functies te laten ontwikkelen hebben kinderen stimulerende volwassenen nodig, die instructies, grenzen en regels bieden en het goede voorbeeld geven. De omgeving wordt gestructureerd door volwassenen. De vraag rijst wat je als leerkracht of ouder kunt doen om kinderen die problemen hebben met de executieve functies, te helpen. Met een warme relatie, taalstimulatie, computergestuurde trainingsprogramma's en psychotherapeutische interventies, moet alles goed komen.

Wat een opluchting!