Passend onderwijs anno 2014

Uit EduWiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Wat is passend onderwijs?

Passend onderwijs is de naam voor de nieuwe manier waarop onderwijs aan leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben wordt georganiseerd. Door passend onderwijs kunnen meer kinderen, eventueel met extra ondersteuning, in het reguliere onderwijs blijven. In het volgende filmpje wordt deze wet goed uitgelegd.
http://www.passendonderwijs.nl/nieuws/animatiefilmpje-passend-onderwijs-3-minuten-2/

Geschiedenis passend onderwijs

Vóór de invoering van passend onderwijs op reguliere scholen per augustus 2014, was het speciaal onderwijs al van kracht op basisscholen en het voortgezet speciaal onderwijs, hetgeen nu nog in werking is. Op basis van een landelijk indicatiesystematiek werd vastgesteld of een leerling in aanmerking kwam voor passend onderwijs en, zo ja, in welk cluster en op welke school de leerling dan het beste tot zijn recht zou komen.

Regionaal Expertise Centra

Elk cluster heeft zijn eigen, speciale scholen,verspreid over heel Nederland. In elke regio van Nederland werken de scholen van één cluster samen. Door die samenwerking kan de kennis en deskundigheid (‘expertise’) van die scholen worden gebundeld. We spreken daarom van ‘Regionale Expertise Centra’ (REC). In elke regio van Nederland is dus een REC Cluster 2, een REC Cluster 3 en een REC Cluster 4 actief.

De REC’s organiseren o.a. ambulante begeleiding,verlengde diagnostiek en coördinatie van onderzoeksactiviteiten. Kinderen die het reguliere onderwijs niet kunnen volgen vanwege een lichamelijke of geestelijke beperking, kunnen terecht bij het speciaal onderwijs of met een leerlinggebonden financiering (lgf) op de basisschool. De leerlinggebonden financiering ook wel het rugzakje genoemd, zorgt ervoor dat de leerling extra ondersteuning krijgt m op een reguliere school zo goed mogelijk kan meedraaien,je kunt hierbij denken aan een speciale leesbril, aangepaste voorzieningen binnen de school of een begeleider die de leerling binnen de school op weg helpt.

Hoe ging het vroeger met leerlingen, die een Leerweg ondersteunend onderwijs (LWOO) indicatie kregen? Verdwijnt door passend onderwijs het praktijkonderwijs?

Leerwegondersteunend onderwijs is bedoeld voor leerlingen met hiaten, leerachterstanden, leerproblemen al of niet in combinatie met sociaal-emotionele, gedrag- en motivatieproblemen. De leerlingen hebben wel voldoende potentieel om een leerweg in het vmbo met een diploma af te sluiten of om certificaten/deeldiploma te halen. Leerwegondersteunend onderwijs (LWOO) is extra hulp of onderwijs op maat, waarmee de leerling weer verder kan op zijn (on)onderbroken leerweg. De invulling van deze hulp legt de school vast in een handelings- of begeleidingsplan (handelingsafspraken) per leerling. Per 1 augustus 2014 is deze benaming verandert in Ontwikkelingsperspectief (OPP).

Vele antwoorden over de verschuiving van zorgkinderen in het speciaal naar regulier onderwijs zijn te lezen op passend onderwijs

                                                                                                                                                     Adhd.jpg

Stand van zaken

Elk jaar geeft de inspectie in het ‘Onderwijsverslag’een beeld van de stand van zaken in de verschillende onderwijssectoren. Het beeld dat er geschetst wordt is niet erg positief. Zo zou de leerlingenzorg en het gebruik van handelingsplannen op een groot aantal scholen als onvoldoende worden beoordeeld. Het niveau van taal en rekenen zou moeten worden verhoogd,wat op dit moment niet het geval is. Ondanks het huidige beleid, is er niet bepaald een stijgende lijn te ontdekken. Ook zijn de wachtlijsten van toegang tot speciaal onderwijs veel te lang. Leerlingen worden onder gebracht op scholen waar zij niet goed begeleid kunnen worden. Om deze en andere knelpunten aan te pakken, zijn er een aantal thema’s vastgesteld. Deze staan op de agenda van het steunpunt passend onderwijs en zijn bedoeld om een beter zorgklimaat binnen de scholen te realiseren.

Wet op Passend onderwijs

Vanaf 1 augustus 2014 hebben schoolbesturen in het regulier onderwijs, zoals VMBO, HAVO, VWO en Gymnasium, een zorgplicht. De schoolbesturen moeten iedere leerling, die extra ondersteuning nodig heeft, een passende onderwijsplek aanbieden. Uitgangspunt van het passend onderwijs is een (zorg)leerling te plaatsen in het reguliere onderwijs door te kijken naar hun mogelijkheden en ondersteuningsbehoeften in combinatie met sociale en professionele hulpbronnen. Elke ouder kan vanaf NU zijn of haar kind bij de school van hun keuze aanmelden. De school heeft de plicht om een passende plek te organiseren.

Hiervoor stellen de scholen een ondersteuningsprofiel op. Dit beleidsplan geeft voorlichting aan de ouders, op welke manier het kind een plek op de school kan krijgen. De mentor, afdelingsleiders, de ouders en het kind kijken naar zijn of haar mogelijkheden om het reguliere onderwijs te kunnen volgen. Met een ondersteunend ontwikkelingsperspectief (OOP) start het (zorg)kind op de school. Zo past het (zorg)kind in het regulier onderwijs om zich voor te bereiden op een plek in de maatschappij.


Samenwerking met iedereen

Het passend onderwijs vraagt om een goede samenwerking met professionele medewerkers uit verschillende (hulpverlenings)organisaties. De samenwerking zorgt ervoor dat de problematiek van het (zorg)kind duidelijk in kaart is en bij alle betrokkenen bekend is. Het regionale samenwerkingswerkingsverband en het zorgadviesteam (ZAT) spelen een grote rol in de deskundigheidsbevordering van de betrokkenen en van de casus.

Het ondersteunend ontwikkelingsperspectief (OPP) bevat vaak de opvoedondersteuning, die de zorgleerling krijgt vanuit de jeugdzorg of andere instanties voor de sociaal-emotionele ontwikkeling. Een ander aspect van de samenwerking is dat het regionale samenwerkingsverband de financiën van het (zorg)kind beheert en op deze manier adequate keuzes maken voor de ontwikkeling van het kind.


Deskundigheidsbevordering voor de medewerkers in het voortgezet onderwijs

Het passend onderwijs vraagt een verandering bij diverse personen, onder andere bij de medewerkers in het VO. Uit onderzoek blijkt dat de regionale samenwerkingsverbanden en de schoolbesturen een inhaalslag moeten maken op professionalisering bij de docenten. In 2013 is slechts 12% toegerust om de deskundigheidsbevordering te garanderen.In dit filmpje wordt heel duidelijk uitgelegd wat de bedoeling is van passend onderwijs.

Passend onderwijs en de (beginnende) docent

Het recht op goed onderwijs geldt voor alle kinderen, dus ook voor kinderen met een handicap of met ernstige leerproblemen. Passend onderwijs ondersteund daarin, doordat de focus komt te liggen op wat kinderen wél kunnen en niet op wat ze niet kunnen. Mogelijkerwijs resulteert de invoering van de wet passend onderwijs in het beëindigen van de grote groei van het aantal kinderen dat als afwijkend wordt bestempeld.

Extra ondersteuning voor de leraar

Voor de (beginnende) leraar betekent dit, dat hij of zij meer/beter zal moeten gaan inspelen op de specifieke onderwijsbehoeften van ieder kind. Om de leraren hierin optimaal te kunnen ondersteunen, is er voor de scholen extra geld beschikbaar gesteld voor zowel bij- als nascholing. Andere mogelijkheden hiervoor zijn bijvoorbeeld de aanschaf van hulpmiddelen c.q. de inzet van personen die de leraar hierbij ondersteunen zoals bijvoorbeeld klassenassistenten.

Klassenassistenten

Hiermee wordt de druk op leraren minder, waardoor zij beter tegemoet kunnen komen aan de specifieke (leer)behoeften van ieder kind. Echter om meer kinderen met een ziekte of handicap een plaats te kunnen geven in het reguliere onderwijs, is ook (meer) gespecialiseerde kennis van de (beginnende) leraren nodig. Om dat te kunnen bewerkstelligen zijn bijvoorbeeld middelen als de lerarenbeurs in het leven geroepen.

Lerarenbeurs

De motivatie en deskundigheid van docenten om goed en vakkundig om te gaan met de verschillende leerlingen en hun problematiek, is niet voor iedere docent vanzelfsprekend. Om dit te overbruggen ligt er een taak voor (bij)scholing. Middelen als de lerarenbeurs zijn bedoeld om bevoegde leraren in het primair onderwijs tot en met het hoger beroepsonderwijs een bachelor- of masteropleiding te kunnen laten volgen. Hiermee wordt docenten de gelegenheid geboden om zich bijvoorbeeld te verdiepen in zorgleerlingen, zodat ze de leerling(en), die op basis van zijn of haar “handicap” meer ondersteuning nodig heeft, beter kunnen begeleiden. Kijk op de website van DUO voor meer informatie over de lerarenbeurs. Naast de mogelijkheid tot bijscholing van de huidige leraren, is het ook van belang dat toekomstige leraren goed worden voorbereid op het passend onderwijs.


Voorbereiding op passend onderwijs van aankomende docenten

De lerarenopleidingen bereiden nieuwe docenten voor op passend onderwijs. In 2016 moeten de kennisbases zijn ingevoerd in de lerarenopleidingen. Kennisbases zijn systematische beschrijvingen van wat startbekwame leraren moeten weten. Hierdoor hebben nieuwe instromende docenten meteen vanaf het begin meer expertise beschikbaar om met leerlingen om te kunnen gaan die extra ondersteuning nodig hebben.

Klassengrootte

In een klas kan het aantal leerlingen met (benodigde) extra ondersteuning zowel licht toenemen als afnemen. Er is geen vastgelegd maximum aan het aantal leerlingen dat extra ondersteuning nodig heeft per klas.

Veelgestelde vragen van (beginnende) docenten

Gaat de werkdruk nog verder omhoog? Krijg ik straks in mijn klas veel meer leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben? Hoe zit het precies met die bezuiniging(en)? Hoeveel leerlingen met extra ondersteuning mogen er maximaal in mijn klas zitten?

Omdat het hier een nieuwe situatie betreft, is er (nog) geen wetenschappelijk onderzoek beschikbaar waaruit blijkt dat de invoering van de wet passend onderwijs goede leerresultaten oplevert. Daarbij is er ook kritiek van diverse deskundigen, die stellen dat alle grootschalige onderwijsvernieuwingen evidence-based dienen te zijn. Deze kritiek richt zich dan ook op het feit dat alles met betrekking tot passend onderwijs door beleidsmedewerkers van het Ministerie van OCW bedacht is, maar (nog) niet getest is of dit ook de beoogde resultaten in de praktijk zal opleveren.


Uitrusting docent passend onderwijs

Met de aankondiging dat de Wet op Passend onderwijs per 1 augustus 2014 ingevoerd zou worden is er onderzoek gedaan of de docenten van het Voortgezet Onderwijs (VO) voldoende zijn toegerust met capaciteiten om onderwijs te geven aan ‘zorgleerlingen’.

De Stuurgroep Passend Onderwijs (SPO) is tot de conclusie gekomen dat scholen en docenten niet voldoende zijn voorbereid op de invoering van de Wet op Passend Onderwijs. Ongeveer 50% van de docenten op het VO geeft aan behoefte te hebben aan professionalisering op het gebied van passend onderwijs door middel van trainingen. Docenten op het Speciaal Voortgezet Onderwijs (VSO) en op het Praktijkonderwijs (PRO) hebben die behoefte minder, omdat er al veel kennis en ervaring is.

Vooruitgang

Er is volgens het onderwijsverslag 2011/2012 wel vooruitgang geboekt qua zorg in het onderwijs, maar dit is voornamelijk buiten het klaslokaal. In de klas is er onvoldoende zorg en ondersteuning voor de leerling. De meeste reguliere scholen hebben enkele gespecialiseerde docenten op het gebied van Autistisch Spectrum Stoornis (ASS). De investering op schoolniveau betekent niet automatisch dat de ondersteuning en zorg in de klas in de klas beter worden. Zie onderwijsverslag 2012/2013. Hoe het nu is gesteld na de invoering van de Wet op Passend onderwijs is nog niet bekend. Dat verslag zal medio 2015 worden vrijgegeven.

Passend onderwijs.jpg

Competenties

Volgens ondervraagde docenten zijn er drie competenties van belang om de juiste zorg te bieden in de klas.
Deze zijn:
1. Structuur bieden en consequent zijn.
2. Investeren in een goede relatie met de leerling.
3. Flexibel zijn.
Bovendien worden er diverse trainingen aangeboden en is er budget vrijgemaakt voor scholing. Scholen krijgen vanaf 2006 een vergoeding op grond van het aantal leerlingen in euro's (lumpsumfinanciering) in plaats van formatierekening. Daardoor zijn er mogelijkheden om docenten beter voor te bereiden voor de zorgleerling in de klas. Het ministerie van Onderwijs zegt dan ook: Om beter aan te sluiten bij de houding en motivatie van leraren en hen beter te ondersteunen bij het handelen in de dagelijkse onderwijspraktijk, zetten wij de komende jaren meer in op het stimuleren van een professionele leercultuur binnen scholen. We creëren ruimte voor de leraar binnen de school als lerende organisatie, meer en beter gekwalificeerde masteropgeleide leraren en opleiden in de school. Ministerie van OCW (2013), Lerarenagenda 2013-2020

Bronnen

Walraven, M., Kieft, M. en Vegt, van der, A. (2013) Passend onderwijs en opvattingen over de toerusting van VO-docenten en –scholen. Utrecht: Oberon
http://www.passendonderwijs.nl/wp-content/uploads/2014/01/Brochure-passend-onderwijs-voor-leraren.pdf
Walraven, M., Kieft, M. en Broekman, L. (2011) Passend onderwijs aan leerlingen met gedragsproblemen. Utrecht: Oberon
Ministerie van OCW (2013), Lerarenagenda 2013-2020: de leraar maakt het verschil. http://www.vo-raad.nl/userfiles/bestanden/Sectorakkoord/Sectorakkoord-VO-OCW.pdf
Website: 10 voor de leraar.nl https://10voordeleraar.nl/documents/kennisbases_bachelor/kb-generiek.pdf Website: Duo.nl : http://www.duo.nl/particulieren/leraar/
Website http://www.steunpuntpassendonderwijs.nl/passend-onderwijs/wat-is-passend-onderwijs/ Wiki: http://nl.wikipedia.org/wiki/Evidence-based_practice evidence-based
.

Persoonlijke instellingen
LeerNetwerk Educatie - School of Education - Hogeschool INHolland