Columns

Overzicht gepubliceerde columns.
Je suis ...
Jan Halin

Het is prachtig om te zien hoe een peuter ontdekt dat hij/zij een Ik is en wel door noemen van zijn/haar naam: Didi trommelen, Didi koekje. In een volgende fase ontstaat het IK-besef, Ik wil, jij en mij.
Je suis… IK ben. Wie ben je? Het kind mag tot aan zijn volwassenheid nog een hele ontwikkeling doormaken om tot een zelfbewust en zelfverantwoordelijk persoon te worden. ‘Doel van de opvoeding is de persoonlijke vrijheid en de opvoeding tot personen die achter hun morele oordelen kunnen staan’ (Langeveld).
De opvoeding, thuis en in de maatschappelijke context (w.o. de school) is gericht het kind te helpen mondig te worden, dat wil zeggen, in staat tot bekwaam en moreel en betrouwbaar deelnemen aan samenleving en zelfvorming. Ik ben…is altijd in relatie tot naasten en de maatschappelijke omgeving.
De school/opleidingen zijn cruciale oefenplaatsen om ethiek en morele empathie, moreel redeneren en moreel gedrag te bespreken. Als een Ik een eiland wordt en geen deel wil uitmaken van een WIJ-land, dan erodeert de democratie.

Over de drempel in 2031
Jan Halin

Hoe ziet het onderwijs er in 2031 uit? Zijn de kinderen/leerlingen goed toegerust voor de uitdagingen van de 21ste eeuw? Staatssecretaris Sander Dekker stelt deze vraag  – maar dan voor 2032 – aan iedereen: ouders, leraren, belangengroepen en kinderen/leerlingen. ‘Leren onze kinderen nog de juiste dingen?’ Hoe ziet het funderend onderwijs eruit? Is het leerstofjaarklassensysteem afgeschaft? Wordt er thematisch gewerkt met oudere kinderen? Bereiden leerlingen met Flipping the classroom deels thuis een onderwerp voor? Is er nog een centraal schriftelijk examen of wordt er via  assessments getoetst? Ga naar www.onderwijs2032.nl en neem kennis van idealen, van ambities.

SMART(elijk)
Jan Halin

De afgelopen weken kende ik momenten van smart en wel n.a.v. de verSMARTerisering van het onderwijs. Wat is zichtbaar, meetbaar en is dat terecht de ultieme prestatie waarop het oordeel gebaseerd moet worden? Wordt door het versmarten van doelen recht gedaan aan de intrinsieke kwaliteit(en) van de leerling, de student, de collega? Veel doelen kunnen niet of maar beperkt worden uitgewerkt met het acroniem: Specifiek – Meetbaar – Attractief – Realistisch – Tijdgebonden. Onderwijzen, het inrichten van betekenisvolle leeromgevingen, het verleiden tot leren veronderstelt een andere uitwerking van het acroniem: Speels – Motiverend – Attractief – Royaal – Tijdloos. De talenten van een lerende verkennen, verdiepen en ontwikkelen daarbij past het beeld van een matroesjka. U kent ze wel de houten Russische poppetjes die in elkaar passen: verrassend want in elk figuur past een ander poppetje soms tot wel 7 figuren. Een rijke metafoor van de gelaagdheid van leren, van onderwijzen.

Het alternatief
Jan Halin

Derde dinsdag in september, de gouden koets met de koning die als een buikspreker de woorden van de regering over ons laat neerdalen in de troonrede. Welke gouden dukaten heeft men over voor het onderwijs? In het persbericht van OC&W formuleren onze bewindslieden:
“Het Nederlandse onderwijs is goed maar moet nog beter. De leerlingen van vandaag gaan straks aan het werk in beroepen die we nu nog niet kennen. Veel leerlingen voelen zich onvoldoende uitgedaagd en presteren onder hun kunnen. Niet elke student zit op de juiste plek. En niet elke docent haalt het beste uit zichzelf.” Ahum….blikken dukaten waarvan de goudglans als je de munt ontvangt direct vervaagt. Onze ‘Modelminister’ (De Telegraaf) is aanmerkelijk minder creatief dan de studenten die haar hoed gemaakt hebben. Het lijstje van ambities is mager. Bewust…omdat men recht wil doen aan de professionele ruimte en aan de verantwoordelijkheid van de leraar voor goed onderwijs?

‘Het zijn de leerlingen/studenten die ons uitzicht kunnen bieden.’
Jan Halin

Vanaf 1 augustus 2014 zijn scholen verplicht een passende onderwijsplek te bieden aan leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben. Scholen hebben vanaf dit schooljaar een zorgplicht. Dit kan op de eigen school, eventueel met extra ondersteuning in de klas, een andere reguliere school in de regio of in het (voortgezet) speciaal onderwijs. Hierdoor verdwijnt de leerlinggebonden financiering (de rugzak). De gelden gaan naar de samenwerkingsverbanden en die verdelen de poen uit de collectieve rugzak over de scholen.
Maar deze nieuwe regelgeving is geen garantie dat de speciale kinderen, de rugzakkids op zonnig komen staan. Een organisatiestructuur is heel wat makkelijker te realiseren dan het werken aan professionalisering van leraren, de schoolorganisatie en de schoolleiding. Het moet in essentie gaan om het werken aan en realiseren van een professionele onderzoekende leercultuur.

Creativitijd
Jan Halin

‘Ze zijn naar huis’. De geluiden van de vaak zomerse finale van het schooljaar zijn met de kinderen verdwenen. Het gejoel van kleuters in de badjes op het schoolplein met als spetterend slot de brandslang die eindelijk mag spuiten. De geluiden van de afscheidsmusical van groep 8 met achtste groepers die wel degelijk smartelijk kunnen huilen als de basisschooldeur in het slot valt. Het vrolijke geroezemoes van de bbq van team en ouders met het dankwoord van de directeur voor zoveel inzet.
‘Ze zijn naar huis’. Wat zielloos achterblijft: een leeg gebouw, een kaal schoolplein, ruimte voor vogels en dwarrelende papiertjes.

Pesten voorbij….volgens de wet!.....?
Jan Halin

In de lentemaand verscheen het plan van staatssecretaris van OC&W Sander Dekker en van Kinderombudsman Marc Dullaert om het pesten nu eens definitief aan te pakken, het Plan van aanpak tegen pesten. Je mag ervan uitgaan dat zo’n 30% van de leerlingen te maken heeft met pesten, dat betekent dus dat in elke klas tussen de 5 en 10 leerlingen te maken hebben pesten: fysiek, verbaal, relationeel (buiten -of uitsluiten)cyberpesten en seksuele intimidatie of combinaties van diverse soorten.  Ook de etniciteit/cultuur van jongeren en de sociale achtergrond lijken een samenhang te hebben met de betrokkenheid en vorm van pesten. Kortom pesten is een complex sociaal fenomeen.

ICT: een gouden bal : een sprookje?
Jan Halin

Sprookjes en onderwijs horen toch bij elkaar? Kent u nog het sprookje van de Kikkerkoning van de gebroeders Grimm?  Een lief prinsesje speelt met een gouden bal bij een bron en plots valt de bal in de bron…..Een kikker is bereid de gouden bal eruit te halen mits de prinses vriend wordt met de kikker. Als ze belooft de kikker naast haar aan tafel en in bed te laten, pakt hij de bal. De prinses rent echter met haar bal naar huis zonder de kikker mee te nemen. De koning staat erop dat de prinses haar beloften nakomt. Ze eet met tegenzin samen met de kikker van haar gouden bordje en haar vader dwingt haar de kikker mee te nemen naar haar slaapkamer. Na een kus wordt de betovering van een heks doorbroken en…..verandert de kikker in een prins. En ze leefden….

Meer…meer….meer…LEREN
Jan Halin

Vogels kwinkeleren, jonge eendjes in de sloot, lammetjes in de wei, korte broeken weer, een vroege rokjes dag, kortom: een uitbundige lente.
Is de school, een opleiding een vruchtbare akker waarin leren wordt uitgedaagd en tot bloei komen?

Pabo leerling moet pieken in de praktijk
Tom Roebroeck

De vraag wat een goede leerkracht is, is niet eenduidig. Een goede leerkracht zorgt voor een positieve ontwikkeling bij het kind op cognitief en sociaal emotioneel gebied. Vier jaar duurt de opleiding tot leraar basisonderwijs. Vier jaar heb je om jezelf tot goede leerkracht te ontwikkelen en vier jaar lang zoek je de weg die je later wilt gaan bevaren in de praktijk. Stage lopen vanaf jaar één is dan een voorwaarde en een belangrijk middel. Maar wie bepaalt nu of jij je goed ontwikkelt? En wie bepaalt of jouw praktijk wel voldoende is?