Kleur bekennen

Jan Halin heeft in het onderwijs vele rollen vervuld. Hij was leerkracht, schoolleider/directeur, projectleider speciaal onderwijs. Op dit moment werkt hij als docent en onderwijsontwikkelaar voor het domein Onderwijs & Innovatie.

Jan Halin
Voor mij was Sint-Nicolaas echt een ware heilige: zo vol van begrip en hij wist zoveel over mij en mijn broers en zussen! Er was de roe en de zak….maar deze waren niet bedreigend. Mijn geloof was zo vurig dat ik van mening was dat ook hij , als Jezus,  over water kon lopen. Maar vanaf een jaar of 7 sloeg de twijfel toe.  ‘Kleingelovige, waarom heb je getwijfeld?’  Heb vertrouwen, want in geloof is alles mogelijk. De stoere bovenbouwleerlingen werden klein en vielen van hun ongeloof af als Sint-Nicolaas voor hen stond. Schertsend plaagde ik ze met : ‘Wacht maar tot Sinterklaas voor je staat!’.
 
Ach, waarom zijn er zoveel ‘kleingelovigen’ in ons land? De zwartepiet doorspelen, de zwartepiet krijgen, iemand de zwartepiet toespelen; spreekwoorden die misschien wel kenmerkend zijn voor onze Nederlandse cultuur. Het Pietendebat is verhard. Wat resoneert mee in het debat, welke verklaringen zijn ervoor?
 
In het debat wordt een veel bredere onvrede geprojecteerd. ‘Ons’ feest wordt door ‘hen’ -met name Surinamers en Antillianen- afgepakt. Ook al zijn zij al generaties in Nederland, in het debat worden zij aangesproken als ‘gasten’. 
 
Onze internet- en socialemediacultuur bevestigt de eigen cultuur, de eigen groep, er wordt nauwelijks contact gezocht met andere groepen. De verschillen tussen de sociale klassen worden groter, aldus onderzoek in de VS en in Europa.
 
Sint-Nicolaas is een profane heilige, want velen leggen niet de relatie met het geloof en de kerk. In mijn jeugd ontmoetten alle rangen en standen elkaar in het huis van de heer. De kerk is in onze tijd geen ontmoetingsplek meer. De basisschool is een van de weinige plaatsen waar alle groepen elkaar kunnen ontmoeten.
 
De vrijheid van meningsuiting is terecht een belangrijke verworvenheid die we moeten koesteren. Maar het begrip wordt , naar de mening van de politiek filosoof Tamara de Waal, te smal geïnterpreteerd. Centraal moet de vrijheid van meningsvorming staan: het gesprek waarin opvattingen met elkaar worden verkend om zo tot een afgewogen oordeel te komen. Als sprake is van gelijkwaardigheid van de deelnemers,  wordt het inleven in het standpunt van de ander bevorderd en zal het zwartepieten afnemen.
 
Sint Nicolaas houdt niet van zwartepieten. Hij weet dat het moet gaan om het gesprek, ruimte geven, elkaar willen ontmoeten en elkaar aan durven spreken vanuit respect en wederzijdse verantwoordelijkheid. Wie zo de rijke traditie viert, is een ware gelovige en rolmodel voor kinderen en de omgeving. Zo kleur bekennen refereert  aan onze pedagogische verantwoordelijkheid en past ons de baret en/of de mijter.
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
In de discussie meng ik me niet, ik wil graag vleugels van Sint en Piet.
Bart Jan Bakker